Reisgids online

Tag - wandelen

wandelen door het Quartier Latin en de Marais (Parijs)

Dat de metropool van Frankrijk geen steriele museumstad is, wordt duidelijk tijdens deze drie tot vier uur durende wandeling door de levendige straten van het Quartier Latin en de Marais. Nergens zijn zoveel bars, cafés en restaurants te vinden als in de Marais, die in de jaren 1960 volledig in verval was geraakt en waar in de indrukwekkende stadspaleizen tegenwoordig vaak een museum is gevestigd.

In het parkje in de schaduw van de Romeinse thermen rond het Musée de Cluny is het op zonnige dagen goed toeven. Aan de overkant van de drukke Boulevard Saint-Germain begint een middeleeuwse wirwar van straatjes rond de in flamboyant-gotische stijl gebouwde kerk Saint-Séverin (een zeer opvallend vijfschepig complex met dubbele

Saint-Julien-le-Pauvre

Saint-Julien-le-Pauvre

zuilenrijen rond de apsis). Het kruisribbengewelf heeft veel weg van een vlechtwerk van plantenstengels, met daartussen kleurige moderne gebrandschilderde ramen. Robert Delaunay liet zich al door dit kubistische aandoende bouwwerk inspireren. In de buurt nodigen aardige cafeetjes uit tot een rustpauze, maar er zijn ook veel restaurants die proberen toeristen binnen te lokken. Via de Rue Saint-Séverin is het maar een paar stappen verder naar de kleine, compacte Saint-Julien-le-Pauvre, de oudste kerk van de stad, die dateert van halverwege de 12de eeuw. Van het naast de kerk gelegen park, het Square Viviani, kun je in alle rust genieten van het schitterende uitzicht op de kathedraal Notre-Dame.

Wanneer je in de richting van de Notre-Dame loopt, zul je merken dat de toeristendrukte begint. Maar toch: het zicht op de langsvarende schepen op de Seine, de zonaanbidders die zich op de kaden hebben uitgestrekt en op de Bouquinistes met hun oude boeken is een genoegen.. Door een plantsoen loopt een mooi pad langs de Notre-Dame. Aan de andere kant van de kathedraal is nog een klein stukje behouden gebleven van de wirwar van straten die in de 19de eeuw grotendeels werd heringericht door stadsplanner baron Haussmann. Het Île de la Cité is het oudste deel van de stad. Op de brug naar het Île Saint-Louis jammen in het weekend muzikanten en vertonen acrobaten hun kunsten. Dit eiland, dat pas in de 17de eeuw werd bebouwd, is nu een van de duurste buurten van de stad. De Rue Saint-Louis-en-Île met zijn fraaie winkels nodigt uit tot een wandeling (bij Amorino wordt het beste ijs van de stad verkocht).

Hôtel de Sens parijs

Via de Pont Marie kom je direct in de Marais. Meteen rechts, aan het begin van de Rue des Nonnains d’Hyères, valt het laatgotische Hôtel de Sens op. Enkele straatjes hebben het karakter van die tijd behouden, zoals de Rue François Miron met twee vakwerkhuizen en het Hôtel du Beauvais (nr. 68), waar ooit Wolfgang Amadeus Mozart verbleef. Wandel nu door de Rue Charlemagne langs de restanten van een toren en delen van de 13de eeuwse stadsmuur. In de doolhof van binnenplaatsen in de Village Saint-Paul met zijn zestig antiekwinkels kun je rondsnuffelen tussen oude meubels, schilderijen, foto’s, lampen en serviesgoed.

Ga vervolgens linksaf de Rue Saint-Paul in en loop door tot de Passage Saint-Paul, die je via een zijingang de driebeukige barokkerk Saint-Paul met zijn grote koepel binnenvoert. Bij de hoofdingang raast het verkeer van de Rue Saint-Antoine voorbij. Een stuk verder richting Bastille ga je linksaf de Rue Caron in en bereik je de romantische Place du Marché Saint-Cathérine met zijn platanen en cafés. Via de Rue Turenne en de altijd drukke Rue des Francs-Bourgeois (een zijstraat naar rechts) met fraaie herenhuizen en dure boetieks kom je uit bij de chique Place des Vosges, een van de mooiste pleinen van de stad. In deze wijk woont een groot aantal Joden. De orthodoxe gaan op vrijdagavond traditioneel gekleed naar de in de buurt gelegen synagoge. Aan het eind van de mooie Rue Payenne ligt het park Square Léopold Achille. Links, in de Rue Thorigny, vind je het Musée Picasso. Naast dit museum kun je relaxen in de leren stoelen van het café L’Apparemment, gelegen aan de Rue des Coutures Saint-Gervais.

bezienswaardigheden Parijs: wandelen door Montmartre

De heuvel Montmartre, met bovenop de wit oplichtende basiliek Sacré-Coeur, trekt vanaf veel plaatsen in de stad de aandacht. Ooit woonden en werkten hier veel kunstenaars, onbemiddelde schilders kunnen de hoge huurprijzen in deze wijk echter niet meer opbrengen. Maar dat Montmartre zijn bijna dorpse karakter heeft behouden, krijg je te zien op deze twee tot drie uur durende rondwandeling.

Rondom metrostation Blanche bloeit de seksindustrie. Het middelpunt is de Moulin Rouge, die met zijn dansvoorstellingen als een van de populairste toeristenattracties geldt. De tegen de heuvel op lopende Rue Lépic met zijn traditionele levensmiddelenwinkels heeft daarentegen zijn volkse karakter behouden (in deze straat werd de film Le fabuleux destin d’Amélie Poulain opgenomen). In de Rue des Abbesses met zijn winkels en cafés is het dag en nacht een drukte van belang (in het trendy café Sancerre (nr 35) is het publiek een mix van jonge toeristen en buurtbewoners). Rustzoekers kunnen uitwijken naar de smalle Rue Burq.

Wandel nu links de Rue Durrantin in. In de naar boven leidende Rue Tholozé kun je de nog altijd dorpse sfeer opsnuiven. Bovenaan staan twee oude molens. In de ene, die in de 19de eeuw tot danszaal werd verbouwd, schilderde onder andere Auguste Renoir. Het beroemde schilderij dat hij daar maakte, getiteld Moulin de la Galette, behoort tot de duurste ter wereld. Tegenwoordig is hier restaurant Le Moulin de la Galette gevestigd. Dit was een van de lievelingsrestaurants van de beroemde chansonnière Dalida, die lange tijd aan de nabijgelegen Rue d’Orchampt (nr. 11) woonde. Links om de hoek, in de schaduwrijke Rue Junot, staan veel mooie huisjes (op nr. 15 woonde de schrijver Tristan Tzara). Zijn opvallende huis werd niet door zomaar een architect gebouwd, maar door Adolf Loos, een van de grondleggers van de Bauhausbeweging. Bewonder ook de daktuinen, vanwaar je een fantastisch uitzicht op Parijs hebt. Geen wonder dat de Rue Junot een van de duurste straten van Parijs is.

Via de Rue Dereure en een kleine trap bij de Place Casadesus wandel je langs tuinen en het Château des Brouillards naar de Place Dalida, waar een standbeeld staat van de befaamde Egyptische-Italiaanse zangeres die in deze buurt heeft gewoond. De Rue de l’Abreuvoir met zijn scheve huisjes kronkelt schilderachtig tegen de heuvel omhoog. In het midden ligt een kleine wijngaard, waarvan de oogst elk jaar in oktober aanleiding is voor een uitgelaten feest, het Fête des Vendanges. In het Maison Rose op de hoek (nr. 2) woonde de schilder Maurice Utrillo. Een paar meter lager ligt het beroemde cabaret Au Lapin Agile, dat eigendom was van de chansonnier Aristide Bruant. De eigenaar steunde destijds vele nog arme en onbekende kunstenaars. Een eind verder naar boven op nr. 12 in de Rue Cotot (in een huis uit de 17de eeuw) wordt in het Musée du Montmartre de boeiende geschiedenis van de kunstenaars van Montmartre verteld.

Door de Rue Saint-Vincent nader je vervolgens de achterkant van de oogverblindend witte, in suikertaartstijl gebouwde basiliek Sacré-Coeur. Geniet op de trap aan de voorkant van het uitzicht over Parijs. In de smalle straatjes met hun souvenirwinkels en vooral op de Place du Tertre ziet het altijd zwart van de toeristen. Veel opdringerige schilders en tekenaars zullen daar een portret van je willen maken.

Via de Rue Norvin daal je vervolgens af naar de Rue Gabrielle (op nr. 49 had Pablo Picasso zijn eerste atelier). Door de Rue Ravignan bereik je de met bomen begroeide Place Émile Goudeau. In een destijds in verval geraakt atelier in het huis met de naam Bateau-Lavoir werkte Picasso aan zijn bekenste kubistische schilderij Les demoiselles d’Avignon. Beneden nodigen vele aantrekkelijke gelegenheden uit om een hapje te komen eten. Van de Rue des Trois Frères splitst zich de nauwe Passage des Abbesses af, die uitkomt op de Place des Abbesses met zijn mooie art-nouveau metro-ingang en leuke cafés.

 

 

Stadstochten in Londen (parken)

In de Londense parken kunt je picknicken, skaten, joggen en zonnebaden. Deze wandeling van circa 3 uur loopt door vier parken.

Ga van het metrostation Westminster rechtsaf en volg Bridge Street, die van de Theems weg voert. Ga rechts Whitehall in en dan linksaf King Charles Street in, waar veel overheidsgebouwen staan. Steek nu Horse Guards Road over en loop St James’s Park in. Rechts zie je boven de bomen de Duke of York Columm uitsteken, een bronzen beeld op een granietzuil. Er wordt wel gezegd dat de hertog (1763-1827) zo hoog op zijn zuil staat om aan zijn schuldeisers te ontkomen. Toen hij stierf, had hij een schuld van maar liefst £ 2 miljoen. In het noorden grenst het park aan St James’s, de wijk met de gentlemen’s clubs. Bij de vijver zie je veel watervogels. Van de brug heb je een prachtig uitzicht op Buckingham Palace.

Ga nu naar links en blijf langs de vijver lopen tot het voetpad voor het Victoria Memorial, dat je naar rechts volgt. Als je The Mall oversteekt, kom je uit in Green Park, een uitgestrekte grasvlakte met weinig bomen. Dit park heeft een boeiende geschiedenis, want het was ooit een leprozenkerkhof, later een jachtterrein en tijdens de Tweede Wereldoorlog een moestuin. Volg nu het pad parallel aan Constitution Hill tot aan Hyde Park Corner. Door een tunnel bereik je Wellington Arch. In deze triomfboog was vroeger het kleinste politiebureau van Londen gevestigd. Tegenwoordig kun je boven genieten van het uitzicht, onder andere op het rond 1775 ontworpen Apsley House. Dit was het eerste huis achter de Londense douanebarrière en kreeg daarom het adres ‘No. 1 Londen’. De hertog van Wellington woonde hier van 1817 tot zijn dood in 1852. De naam van deze voormalige eerste minister, bijgenaamd de ‘ijzeren hertog’, leeft voort in beef Wellington (rosbief in bladerdeeg) en wellingtons of wellies (rubberlaarzen). Via de Hyde Parkmet filigraanwerk versierde Queen Elizabeth Gate achter Apsley House kom je in Hyde park, een zachtglooiende grasvlakte van 145 ha met groepjes oude bomen, bloemperken en beelden. Wandel over Lovers Walk langs het beeld van Achilles naar Speakers Corner. Sinds 2009 worden hier ook de slachtoffers van de bomaanslag op 7 juli 2005 herdacht met 52 stalen zuilen. Houd links aan en wandel door Hyde Park naar het meer, de Serpentine. Blijf langs het water lopen voorbij de Serpentine Bridge. Het met water gevulde ovaal van graniet aan de overkant van de brug is de Diana, Princess of Wales Memorial Fountain. Al meer dan een eeuw wordt op eerste kerstdag in de Serpentine een zwemwedstrijd om de Peter Pan Cup gehouden. Vroeger gebeurde dit onder leiding van J.M. Barrie (1860-1937), de schrijver van het beroemde kinderboek over het jongetje Peter Pan, dat niet volwassen werd. Als je om het meer heen loopt, kom je bij het sierlijke standbeeld van Peter Pan. Hier gaat Hyde Park over in Kensington Gardens. Volg nu het voetpad richting de Serpentine Gallery. Als je rechtsaf de Flower Walk in gaat, zie je links het Albert Memorial staan. Loop ten slotte rechts de Dail Walk in (links ligt Kensington Palace) en trakteer jezelf op een uitgebreide afternoontea in het sfeervolle parkcafé de Orangery. De Engelse thee die hier wordt geschonken, is in Cornwall verbouwd!